adviezen > advies circulaire economie

Advies: Advies Circulaire economie

Op 24 maart 2021 ontving de SER Overijssel het verzoek advies uit te brengen over circulaire economie.

Gedeputeerde Staten vragen advies over circulaire economie aan de SER Overijssel  

“De omschakeling naar een circulaire economie is niet alleen een technische, maar ook een sociaal-economische transitie. Een circulaire economie veronderstelt een fundamenteel anders omgaan met productie- en consumptiegoederen, waarbij hergebruik, reparatie, recycling en het gebruik van hernieuwbare grondstoffen zonder negatieve milieueffecten de norm worden. Naast technische innovatie vraagt dit om andere verdienmodellen (b.v. ‘product as a service’), ander gedrag en andere vaardigheden van ondernemers en werkgevers, het maatschappelijk middenveld en de consument.

 

In het verlengde van het nationale programma Circulaire Economie heeft de provincie ook gekozen voor een aanpak via transitieagenda’s met de sectoren. Deze Regionale Transitieagenda’s (RTA’s) zijn gemaakt door en met een voorhoede van vertegenwoordigers uit branche- en maatschappelijke organisaties, kennisinstellingen, OIC’s en koplopers uit het bedrijfsleven (zie samenvatting RTA’s). De provincie ondersteunt de transitie en de uitvoering van de RTA’s via het Uitvoeringsprogramma Circulaire Economie 2020-2023.

 

Onze adviesaanvraag Circulaire Economie is in de brief van 4 februari 2020 (kenmerk 2020/0026897) bij u aangekondigd in reactie op het Meerjarenplan van SER Overijssel. Zoals in die brief aangegeven hecht GS er belang aan dat in elk advies het perspectief van en het draagvlak bij de sociale partners wordt verwerkt. Bij het thema Circulaire Economie komt daarin betekenis toe aan het Grondstoffenakkoord[1], zoals mede ondertekend door werkgevers- en werknemersorganisaties. Sociale partners geven daarmee blijk ook zelf bij te willen dragen aan de transitie in hun eigen achterban. Ons verzoek is bij de beantwoording van onderstaande adviesvragen dat gezamenlijke commitment als basis te nemen.

 

Tegen deze achtergrond heeft GS aan de SER de volgende vragen:

  1. Wat zou de provincie aanvullend kunnen doen om bedrijven (vanuit zowel werknemers als werkgevers invalshoek) en maatschappelijke partners te ondersteunen in deze transitie, gelet op de bestaande ondersteuning vanuit de middenstructuur van innovatieloketten en het landelijke programma en de vele en andere faciliteiten en initiatieven? (Bijvoorbeeld Versnellingshuis, RvO regelingen, Rabo CE challenge.)
  2. Verwacht de SER Overijssel arbeidsmarkteffecten van de transitie Circulaire economie, en welke knelpunten zijn daar eventueel te verwachten? In het programma Arbeidsmarkt Overijssel, wil de provincie de ambitie inclusief, wendbaar en toekomstgericht realiseren. Eén van de opgaven is voldoende vakmensen voor onze provinciale opgaven, waaronder circulaire economie. Welke strategie/aanpak/prioriteiten zijn kansrijk om deze ‘cross-overopgave’ tussen beide programma’s in 2023 te hebben gerealiseerd?”



[1] Het Grondstoffenakkoord is de basis onder het nationale programma Circulaire Economie. VNO/NCW, MKB Nederland en FNV zijn onderdeel van de (kleine groep) initiatiefnemers. CNV en LTO zijn onderdeel van de lange lijst medeondertekenaars.

 

Commissieleden

Ben Haarman

adviseur namens LTO

Coby Adema

lid namens FNV; vicevoorzitter

Luc Lenferink

lid namens MKB Nederland Regio Zwolle

Harry Webers

Voorzitter

Aljona Wertheim-Davygora

secretaris-directeur